Pluimveebedrijf Renders te Son

13-03-2013 | De 7 mestkuikenstallen van pluimveebedrijf Renders zijn voorzien van de Wesselmann regelaar. Deze regelaars zijn met elkaar verbonden via het EXOline netwerk.  Met welke toepassingen onze regeltechniek het energieverbruik zo laag mogelijk houdt staat hieronder beschreven.IMG_0057

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De wesselmann regelaar bepaald doormiddel van de warmtevraag van de SKOV klimaat computer de gewenste aanvoertemperatuur. Hierdoor ontstaat er een constantere staltemperatuur. De gewenste aanvoertemperatuur in de stal wordt verkregen door een 3-wegklep. Deze 3-wegklep mengt het door de terreinleiding toegevoerdeverwarmingswater naar de gewenste aanvoertemperatuur.
Als er geen warmtevraag is van de SKOV klimaatcomputer is het mogelijk de uitblaastemperatuur met een minimum uitblaastemperatuur te bewaken. Hierdoor wordt voorkomen dat er koude lucht over de kuikens wordt geblazen.
De Wesselmann heathers worden naar de gewenste ventilatiestand gestuurd.
Ook voorzorgd de wesselmann regelaar het periodiek reinigen van de heathers.
Na een instelbare wachttijd zullen de heathers en ingestelde reinigingstijd in tegengestelde draairichting gaan werken.
Hierdoor is de luchtverplaastsing ook in omgekeerde richting waardoor de heathers zullen worden gereinigd.
De wesselmannregelaar registreren de tijden dat de heathers verwarmer en ventileren ook de totale bedrijftijd wordt bijgehouden.
De gehele installatie wordt verwarmd doormiddel van een Herz houtsnipperkachel.
De warmte naar de stallen gecirculeerd doormiddelen van een terreinleiding.
De temperatuur aanvoertemperatuur in de terreinleiding wordt bepaald door de hoogst gewenste aanvoertemperatuur van de 7 stallen.
Dit is mogelijk doordat de 7 wesselmann regelaars met elkaar verbonden zijn via EXOline.
Door de de aanvoertemperatuur in de terreinleiding niet hoger te laten worden dan noodzakelijk worden de warmteverliezen tot een mimimum beperkt.

Ook zal bij afnemende warmtevraag uit de stallen de transportpomp terugtoeren om het elektra gebruik van depomp zo laag mogelijk te houden.
Als er een bepaalde tijd geen warmtevraag uit de stallen komt zal de pomp uitschakelen.

De gehele installatie is van afstand te benaderen om aanpassingen uittevoeren en instellingen te veranderen indien dit nodig is.